Schoolpoort
Het is niet evident om als jonge vader – lekkere koek in de hand – om halfvier in de namiddag je peuter af te halen aan de schoolpoort. Jonge, kwieke mannen van mijn slag worden op weekdagen verondersteld om achter een laptop te zitten met een excell-lijst vol moeilijke problemen voor de neus of in een fabriek afgejakkerd te worden en in het zweet de vaart der volkeren op hun schouders te torsen. Tenzij ze om den brode in het onderwijs staan natuurlijk.
Ik voelde mij dinsdagnamiddag eventjes mijn eigen minderheidsgroep. Het was geen boerka of chador, geen regenkapje of tricolore buishoed waardoor ik het doelwit werd van alle heimelijke blikken, maar de veronderstelling dat ik wel behoorlijk werkloos moest zijn om mij te kunnen inlaten met zoiets banaals als het opvangen van mijn driejarige zoon. Die knappe mama met haar goddelijke lijf en meterslange benen moet zich behoorlijk vernederd gevoeld hebben omdat ik deze keer met alle aandacht ging lopen. Vrouwen van dertig mogen zich op dinsdagnamiddag blijkbaar in ledigheid hullen.
Ondanks alle nieuwe mannen, hun trendy opvolgers en het legioen
-ologen dat daar al een paar decennia de mond van vol heeft, zijn het nog steeds de dames die verondersteld worden om voor de koters te zorgen. Bij uitbreiding is er ook niemand die zich aan de schoolpoort stoort aan de vroeggepensioneerden. Het eindeloopbaandebat, de afschaffing van het brugpensioen, het Generatiepact en de creatie van alle mogelijke landingsbanen ten spijt, kunnen opa’s en oma’s nog steeds zonder stress aanschuiven om hun oogappeltjes in de armen te drukken.
Ook dames en heren wier roots onomstotelijk in de Maghreb liggen, worden zonder probleem geïntegreerd in de vrolijke subcultuur van de schoolpoort. Gemakshalve wordt er maar vanuit gegaan dat ze toch niets beters te doen hebben.Als aanstormende vader,
die zich verheugde op het ogenblik dat hij weer kind aan huis in zijn oude school zou zijn, leefde ik in de veronderstelling dat de schoolpoort de enige plek ter wereld was waar het leven harmonieus en zonder problemen voortkabbelt. Waar normen en afspraken nageleefd worden en waar de blauwe hemel hoogstens op de roze dag eens door een regenboog wordt doorkliefd.
Ondertussen heb ik er mezelf al op betrapt dat ik ’s ochtends in de schoolstraat gehaast het zebrapad negeer en mij oeverloos erger als een collega-vader in de chaos zijn auto op mijn plekje parkeert. Waardoor de schoolpoort in werkelijkheid geen oase van duidelijkheid en rust, maar een onoverkomelijke hindernis blijkt te zijn.
‘Waar is mama?’, vroeg Seppe verbaasd toen ik hem uiteindelijk in de speelzaal doodmoe van de bank schraapte. Naar die koek heeft hij kunnen fluiten.
Labels: column, seppe