Wereldorgasme
Mijn vrouw heeft deze week haar lijfblad
Trends geruild voor de
Flair. Toen ze mijn vragende blik zag, legde ze uit dat er een heel interessant artikel over topsportduo’s in stond. Ik heb geen vragen meer gesteld, want ik ben van mening dat je in dit leven niet alles moet begrijpen. Er is bovendien geen enkele reden om aan te nemen dat de grondwettelijke vrijheid van informatie niet zou gelden binnen een relatie. Omdat het niet elke dag Schopenhauer moet zijn, griste ik het blad mee naar het toilet en las dat het vandaag Wereldorgasmedag is. Wie verzint het? De dames-redactrices hadden tijdens hun wekelijkse vergadering, bij de koffie en de cakejes, zelfs beslist om hun lezers naar aanleiding van deze hoogdag een
Celebrator cadeau te doen. Dat blijkt een minivibrator te zijn die je op een elektrische tandenborstel kan monteren. Of je daarna nog moet flossen en spoelen werd er in de handleiding niet bij verteld. Ik kon het ding bovendien niet vinden. Waarschijnlijk had Seppe het al ontvreemd en lag het nu ergens tussen het gereedschap van Bob De Bouwer.
Wereldorgasmedag leek mij echter de ideale dag om opnieuw te beginnen lopen. Deze zomer was ik er in geslaagd om zonder hulpstukken bevrediging te vinden tijdens kilometerslange trainingen. Ook al was het een paar decennia geleden dat ik nog sportschoenen had gedragen, dankzij de zoetgevooisde stem van Evy Gruyaerts in mijn oren was het gelukt om langzaam op te bouwen. Helaas heeft mijn luiheid het ergens in september weer genadeloos gehaald op de runners’ high en begint mijn lichaam weer de effecten van de zwaartekracht te ondervinden. Hop, hop Lauwereyns, dacht ik, veeg die billen af en spring in die sportkleren. Maar wat trek je aan bij min één? Toch geen zomershortje. Het moet bovendien van mijn collegetijd geleden zijn dat ik nog een trainingsbroek heb gekocht. En waar ligt die? Niet bij het gereedschap van Bob (die
Celebrator evenmin trouwens). Toen ik uiteindelijk een compromis had gevonden in een soort
fluffy kniebroek was het donker geworden en doemde een vers probleem op. Aan de rand van het bos is geen straatverlichting, maar wel een beek met ratten. Deze zomer kon ik mijn angst voor die beesten camoufleren door hard op het beton te stampen, maar nu vreesde ik dat die monsters wraak zouden nemen. De endorfines in mijn lijf zullen bijgevolg nog even moeten wachten om mij een wereldorgasme te bezorgen. De kerstman wordt eerst vriendelijk verzocht om de gepaste outfit onder de spar te deponeren samen met een fluo hesje, zodat ik mij des avonds tussen het verkeer in de bewoonde wereld kan riskeren. Ik twijfel alleen nog of ik mij aan zo’ n spannende legging zou wagen.
Koffie & Croissant, Het Nieuwsblad 22/12
"Ik wil geen drol tot kunst verheffen"
Theatermaker Wim De Wulf balanceert liefst op grenzenAls regisseur leerde hij de broertjes van Kommil Foo hun eigen taal ontdekken. Als artistiek directeur van figurentheater Ultima-Thule grossiert hij in sfeervolle voorstellingen, die hij liefst ook nog zelf schrijft. En hij maakt liedjes om zelf te zingen en libretto’s voor diva’s. Wim De Wulf is een grensgeval. Geen wonder dat hij in Vloesberg kwam wonen. "
Als het te evident wordt, zoek ik iets anders" is Wims adagio. De kans dat hij zijn oude hoeve aan de rand van de Vloesbergse bossen snel verlaat, is dus gering.
"Als je verbouwt, weet je waar je begint, maar zelden waar je eindigt. We zijn van de oude schuur een muziekstudio, werkruimte en een chambre d’hôte aan het maken, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Stedenbouw is in Wallonië niet scheutig om vergunningen af te leveren. O wee als je een verticaal geplaatste laag stenen horizontaal wil heropmetselen. Laat staan dat je een dak een half meterke zou omhoogtrekken. We hebben de zaak dus maar een half meterke uitgegraven."
Waarom komt een Gentenaar in Vloesberg wonen?
Wim De Wulf: "We zijn heel toevallig op deze hoeve gestoten en toevallig stond ze ook nog te koop. De transactie is zeer gemoedelijk geregeld. Op zijn Waals. Ik voel mij hier helemaal thuis. Als je hier in een cafeetje zit, dan hoor je een mikmak van talen door elkaar. Frans, het typisch Henegouwse
patois met flarden Nederlands en Ronsisch ertussen. Ik hou daar enorm van. De sfeer is hier ook heel anders dan in Vlaanderen. Je hebt hier onmiddellijk een klets maten om je heen, op voorwaarde dat je niet te hoog van de toren blaast. Zo van:
Ha bon, meneer is met theater bezig. En kan je daar van leven? En ze hebben hier meer tijd. Als er bij ons op de werf Waalse en Vlaamse stielmannen samen aan het werk zijn, is dat dan ook duidelijk zichtbaar."
Het is geen toeval dat je nieuwe theaterprogramma Grensgeval zal heten.
"
Grensgeval/Cas Limite om juist te zijn. Het is ook de titel van de cd. Er staan Franstalige en Nederlandstalige liedjes op en een uitsmijter in beide talen.
Entre les deux mon coeur balance. Ik krijg blauwe bollen van het Vlaamse discours dat de jongste maanden aangewakkerd wordt door onder meer Yves Leterme. Ik vertrouw hem niet. Hij gebruikt naar mijn gevoel een beetje te vaak de woorden ‘goed beleid’. Ik krijg soms de indruk dat de Vlamingen in heel de wereld geïnteresseerd zijn behalve in onze zuiderburen. Dat is enggeestig en onrechtvaardig op een ogenblik dat de wereld steeds meer open gaat voor iedereen."
"Pas op, ik wil niet de indruk wekken dat ik de Walen op een gratuite manier opvrij, ik ben in mijn liedjes even scherp voor de manier waarop er door de Waalse roergangers gesjoemeld wordt en voor de manier waarop ze de Pays Noir hebben laten verloederen. Het doet mij daarentegen deugd te zien dat er op cultureel vlak steeds meer raakvlakken zijn tussen beide landsgedeelten."
Je bent van acteur geëvolueerd tot regisseur, auteur en muzikant. Is dat toeval?
"Ik doe niets wat aan hype onderworpen is. Dat is een constante. Het verlangen om mensen in vakjes te stoppen is een commerciële reflex. Promotiemachines hebben nood aan duidelijkheid. Met een minder evidente boodschap krijg je moeilijk iets verkocht. En dat is nochtans wat ik nodig heb: van het een in het ander stappen, dingen met elkaar verbinden. Televisie leeft bij gratie van promotie, vandaar dat ik het ook het minst interessante medium vind. Het ene programma is een doordruk van het andere, alleen gaat het nog een beetje verder. Ik wacht op het eerste programma waarin vrouwen live een ivf-behandeling ondergaan. En daarna op de versie met BV’s."
"Ik heb op een bepaald moment bewust gekozen om niet meer te acteren. Het was de tijd dat regisseurs nog god de vader waren. Ik kreeg het gevoel een invuller te zijn van wat de regie had bedacht, maar had geen zin om drollen tot kunst te verheffen. Ik was niet alleen, steeds meer acteurs gingen onafhankelijke producties opstarten. Op dat ogenblik heb ik bewust gekozen om te gaan regisseren."
Om wat precies beter te doen?
"Niet te beroerd te zijn om toe te geven dat ik als regisseur iets niet weet, bijvoorbeeld. Maar vooral ook om te leren hoe ik een autonoom bestaan kon leiden. Mijn eerste stappen als regisseur waren de openluchtspektakels op de archeologische site van Ename:
Beatrijs en
Don Quichote. Daarna is de bal snel aan het rollen gegaan. Ik schreef libretto’s en regisseerde de opera’s
Raponsel en
Decap van mijn maat Johan De Smet. Later trok ik ook naar Duitsland om hedendaags muziektheater te regisseren op muziek van Hans Rotman."
Waarom liet je je meeslepen door opera?
"Toen ik 17 was vond ik opera’s iets voor mensen met aderverkalking. Ik hoorde ’s zondags op de radio wel eens een diva janken, tijdens de afwas als ik met mijn broers en zussen aan het vechten was. Tot ik toevallig een paar opera’s zag en ik helemaal verkocht was. Opera heeft alles: muziek, spel, interpretatie en dat irrationeel kantje dat mij ook zo fascineert aan het figurentheater. Laat mij de doodsaria uit
Don Giovanni horen en al mijn haar komt recht."
Net als opera is ook figurentheater niet bepaald een evident genre.
"Mensen associëren het nog te vaak met de klassieke poppenkast voor kinderen, terwijl het een genre is dat evengoed aanslaat bij volwassenen. Door het mysterieuze samenspel tussen de acteurs en de poppen, krijg je als maker een enorme vrijheid. Je kan dingen vertellen en sferen oproepen die in het gewone theater onmogelijk zijn."
Vind je het niet een beetje frustrerend dat iedereen Raf en Mich van Kommil Foo op handen draagt en maar weinigen weten dat jij er als regisseur achter zit?
"Er is een verschil tussen appreciatie en bekendheid. Ik wil geen BV worden. Ik put mijn voldoening uit het feit dat ik het succes van die gasten vanop de eerste rij heb meegemaakt. Ik heb met hen de stap naar de grote zalen gezet. Als we samen zitten, kunnen we daar nog altijd verwonderd over zijn. Ik heb gewoon geprobeerd om ervoor te zorgen dat ze hun eigen taal konden uitpuren en gewaakt dat ze dit consequent zijn blijven volhouden. Ik heb onlangs ook de regie gedaan voor het liedjesprogramma
Curieuzeneuzemosterdpot van Frank Cools. Ongeacht de omvang van de productie is het gewoon heerlijk om samen aan dingen te sleutelen tot je het gevoel hebt dat je de boodschap op een juiste manier verpakt. Als even voor de première plots alle stukjes in elkaar haken, is het gevoel
overweldigend. Stel je voor dat ik, zoals sommige mensen echt doen, mijn boterham moet verdienen met het zoeken naar een man. (lacht)"
Het Nieuwsblad, dinsdag 19/12